Image6  Advies en Rechtshulp Pagina … ………………. Meester Willem  Strafrecht

                                                

  start

 

Inleiding.

 

 

                                     

 

                                   Inleiding

Justitieel apparaat

De verdachte
De Rechter

                            De zitting

                            De uitspraak

                            De reclassering

 

           

Strafrecht, de inleiding.

                                                    

 

Strafrecht

Het strafrecht is een van de meest aansprekende onderdelen van het recht. De advocaten die de meeste aandacht trekken in de media, zijn doorgaans de strafrechtadvocaten. Iedereen weet wel een bekende advocaat S. te R op te noemen, die een bekende crimineel H uit de cel heeft weten te houden. Wat is het nou dat deze mensen tot zulke helden maakt en wat is strafrecht.

 

Superstatus Advocaat
Het zijn met name de strafrecht-advocaten, die de grootste bekendheid genieten. Dit komt vooral, omdat deze groep betrokken is bij zaken die veel nieuwswaarde hebben en omdat het hier doorgaans gaat om zaken die de verwondering wekken van de normale burger. Zoals de bekende crimineel die (voorlopig) uit de cel blijft door een vormfout of een leemte in de wet. Als gevolg van dit soort voorvallen krijgen deze strafrecht-advocaten vaak meer kundigheid toegedacht , dan andere advocaten. Maar heel veel briljante juristen, die zich met civiel of bestuursrecht bezig houden, doen hun werk echter uit het oog van het grote publiek en hebben ook inkomens die zich kunnen meten, met dat van die bekende meester M. Vaak is er bij de verdediging van een zaak die de media haalt, veel geld beschikbaar en is er veel soms tijd  en speelt prestige ook mee. Het kantoor van een bekende dure advocaat kan ook meer mensen op een zaak zetten, dan een doorsnee eenmanskantoor. Het punt waarmee de
ster-advocaat scoort, komt wellicht uit het werk van de jongste medewerker. Daarmee is natuurlijk niet gezegd, dat er geen verschil in kwaliteit tussen advocaten onderling is en de bekendheid van meester S. of  H. onterecht, maar het is mogelijk dat een middelmatige jurist grote faam verwerft door een bekende persoon op eenvoudige gronden uit de cel te houden, terwijl de grote intellectuele arbeid van een specialist in ondernemingsrecht niet wordt gezien door het grote publiek.


Het Nederlandse strafrecht.
Het Nederlandse strafrecht is in beginsel in grote mate beïnvloed door de strafwetgeving uit de napoleontische tijd, de Code Punal. (wetboek van strafrecht) tijdens de Franse tijd. Na de inlijving van “het koninkrijk Holland” gold dit wetboek in Nederland, want in 1810 moest koning Lodewijk Napoleon (deze hier populaire koning regeerde van 1806-1810) op last van zijn broer de keizer Napoleon, zijn positie opgeven en werd het land ingelijfd bij het Franse rijk. Hierdoor werd het Franse rechtssysteem van kracht zoals dat vastlag in de Code Civil (burgerlijk wetboek) en de Code Pénal (wetboek van strafrecht). Hierdoor deed de rechtspraak in Nederland een stap terug, omdat in de Code Pénal nauwelijks aandacht werd besteed aan de dader en alle nadruk op de daad lag. De Code Pénal was bovendien veel strenger dan het Burgerlijk Wetboek. Het aantal misdrijven waarop de doodstraf stond, was groter. Dit Franse wetboek kende bovendien straffen als levenslange vrijheidsberoving in de vorm van deportatie en dwangarbeid. Vanaf 15 juni 1812 werd in Amsterdam zelfs de guillotine gebruikt Nadat het land in 1813 weer los kwam bleef de Code Pénal toch nog een tijdlang van kracht. De code was gebaseerd op de beginselen van de Franse revolutie: vrijheid, gelijkheid en broederschap

Pas in 1886 werd het Franse wetboek vervangen door een geheel Nederlands Wetboek van Strafrecht.

In de periode daarna is in een groot aantal wetten op maatschappelijk gebied, een mogelijkheid tot strafoplegging ingebouwd. Het gaat hier, bijvoorbeeld om de Wegen Verkeers Wet (WWW), de Wet Economische Delicten (WED) in AMvB (algemene maatregel van bestuur) en de ministeriële verordening en de APV (algemene plaatselijke verordening)

De APV wordt door een gemeentebestuur op gesteld en hierin kunnen strafbare feite en hun sanctie (straf) worden vermeld. Een voorbeeld kan zijn, dat het verboden is om aan de openbare weg auto’s te koop te zetten.
Het toetreden van Nederland tot de EEG (nu de EU) en Europese en mondiale verdragen heeft daarnaast grote invloed voor het uitleggen en de toepassing van het Nederlandse recht

 

Strafrecht

Men spreekt van strafrecht wanneer sprake is van een handeling/gedraging waarvan de samenleving vindt dat deze ongewenst is. De staat/samenleving treedt dan op in de persoon van de officier van justitie (openbaar ministerie). Deze zal op eigen initiatief tot actie over gaan indien de deze kennis krijgt van een stafbaar feit. In Nederland is sprake van het zogenaamde opportuniteitsbeginsel. De officier bekijkt of vervolging wel opportuun (gewenst/zinvol) is. De ongewenste gedraging wordt eventueel doormiddel van een transactie (direct te betalen boete zonder tussenkomst van de rechter) afgehandeld of voor de rechter gebracht. (sanctie)

 

Ongewenst gedrag

De samenleving vindt bepaald gedrag niet wenselijk. Niet al het ongewenste gedrag is echter strafbaar. Wat de samenleving wenselijk of onwenselijk vindt ligt vast in een norm. In de samenleving kan ongewenst gedrag in verschillende categorieën worden ingedeeld.

Religieuze normen.

Het geloof dat iemand aanhangt, kan aan die persoon gedragsnormen opleggen. De verschillende religies hebben op bepaalde gebieden eigen regels met betrekking tot goed en slecht gedrag. In Nederland, waar kerk en staat gescheiden zijn, komt aan deze normen in beginsel geen rechtskracht toe, maar het zich niet houden aan de norm kan binnen de deelgroep van de samenleving wel worden gesanctioneerd d.m.v. het negeren van de overtreder, uitsluiting of andere afstraffing.

Sociale normen

In het dagelijks verkeer tussen mensen worden sommige gedragingen gewaardeerd of  juist afgekeurd. Men vindt het netjes indien iemand de deur vasthoudt als een ander met een zwaar pakket loopt. Daar in tegen wordt boeren of het laten van winden vaak niet gewaardeerd. Ook naar iemand staren in een lift wordt meestal niet op prijs gesteld. Ook deze sociale normen worden door de wet doorgaans niet gesanctioneerd. Ook deze normen kunnen afhangen van de eigen sociale omgeving.

Rechtsnormen

Indien de samenleving als geheel, bepaald gedrag niet wenselijk vindt, kan deze de sanctionering hiervan wettelijk regelen. Wat onwenselijk is kan naar tijd en plaats verschillen. De samenleving als geheel kijkt tegenwoordig anders aan tegen abortus, euthanasie en vormen van drugsgebruik, dan vijftig jaar geleden. Het zomaar urineren in de openbare ruimte, van met name mannen, wordt tegenwoordig anders gehonoreerd dan vroeger, en roken van tabak  is tegenwoordig niet meer overal  toegestaan. 

Wettelijk afdwingbaar

Wat niet mag, moet duidelijk uit de wet (recht) blijken. In het wetboek van strafrecht en bijzondere wetten, maar soms ook gewoon in het burgerlijk wetboek, staat wat niet is toegestaan. Wordt het niet genoemd, dan is het in beginsel toegestaan. In bijzondere gevallen kan de rechter stellen, dat bepaald gedrag, ondanks dat het niet in een wetsartikel wordt genoemd, verboden is. Een veel genoemd (oud) voorbeeld hiervan is, dat de rechter ooit heeft gesteld, dat het aftappen van elektriciteit, diefstal is, zonder dat deze gedraging ergens met name  in een wetsartikel werd genoemd.

Waarom sanctie/ straf?
Een sanctie heeft eigenlijk twee functies. Aan de ene kant laat de samenleving zien dat het plegen van deze feiten niet wordt getolereerd. Aan de andere kant moet de straf de dader ervan weerhouden het nog eens te doen. 


Strafbare feiten

De lichtere strafbare feiten, zoals het neergooien van vuilnis op straat of het rijden door een rood licht, heten de overtredingen. Deze zaken behandelt de kantonrechter. Andere strafbare feiten, zoals drugshandel, diefstal of moord, noemen we misdrijven. Deze worden behandeld door de strafrechter van de rechtbank.  De eenvoudige misdrijven worden door een enkelvoudige kamer behandeld door één rechter, de politie rechter. Het gaat hier om ongeveer de helft van alle gepleegde zaken, zoals winkeldiefstal, kleine fraudes, bolletjesslikkers en andere kleine drugszaken. Doorgaans gaat het om zaken met een eis van maximaal een jaar gevangenisstraf. Sommige zaken zijn te ingewikkeld om door één persoon afgehandeld te worden. In dat geval verwijst de politierechter de zaak naar een meervoudige kamer van de rechtbank. Dan gaan meerdere rechters zich met de zaak bezighouden. Voor minderjarigen is er de kinderrechter.

In de wet omschreven

Kenmerkend voor het strafrecht is, dat wat strafbaar is duidelijk uit de wet moet blijken. Men kan alleen worden veroordeeld voor een feit dat op het moment van plegen strafbaar is.

Alle strafbare feiten staan in wetten. Voorbeelden zijn het Wetboek van Strafrecht, de Wet Economische Delicten, de Opiumwet en de Wegenverkeerswet. Het openbaar ministerie moet dan duidelijk maken, dat het feit precies valt onder het in de wet genoemde strafbare feit. Indien dit niet overeenkomt met de juiste delictsomschrijving is het niet strafbaar, dan wel een ander strafbaar feit, met een heel andere straf. Dit is een van de meest in het oog springende uiterlijkheden van het strafrecht en wekt bij burgers veelvuldig verwondering op.

Voorbeeld de gestolen fiets  …………………………………………………………………………………………………….

Diefstal is het wegnemen van enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen (art. 310 Nederlands  wetboek van strafrecht (Nederland).

Uw  fiets is gesloten en u doet aangifte. De politieambtenaar (en evt. later de rechter) zal nagaan of uw fiets ook echt gestolen is.

Hij vraagt ‘was het uw fiets’ … ja natuurlijk!

‘Had u de fiets zelf meegegeven’…..domme vraag,  nee!

‘Had uw toestemming gegeven om de fiets mee te nemen’…. Wat een vraag, .. nog dommer!

Inderdaad rare vragen, maar volgens de wet moet precies vast staan wat er aan de hand is.

Een fiets die was uitgeleend en wordt achter gehouden is niet gestolen, maar verduisterd.

En het is een open deur, als u toestemming geeft tot gebruik van de fiets, is het geen diefstal en misschien ook geen verduistering.

Bovendien kan zelfs blijken dat er sprake is van een zwaarder delict. Indien het om een dienstfiets ging en dus deze dus eigendom is van een werkgever, kan er sprake zijn van verduistering in dienstbetrekking. Mogelijk is er sprake van diefstal met geweld, indien de fiets onder het gebruik van geweld moest worden afgegeven, dan wel afpersing,…toestemming onder dwang!

Men noemt deze laatste vormen gekwalificeerde misdrijven, meestal worden deze zwaarder aangerekend.

Voor het strafrecht is dus van belang, dat de handeling of gedraging onder de omschrijving kan worden gebracht en dat de ‘officier’ het juiste delict in de eis noemt. Indien de rechter niet vaststelt, dat het feit onder de omschrijving valt kan de rechter de eis van de officier niet honoreren.

Bij het strafrecht is het voor de rechter niet mogelijk zelf te beoordelen onder welk artikel een delict valt of de wet zo toe te passen, dat het strafbaar wordt. De burgerlijke rechter heeft eigenlijk veel meer vrijheid in het civiele proces.

 

 

 

Justitieel apparaat

 

 

laatste update 27 juni 2008

 

image6 Disclaimer.
Al deze pagina's geven slechts algemene informatie. Alle juridische vragen verschillen elk opnieuw van geval tot geval. Voor uw eigen specifieke  juridische vraag en probleem, dient u deze steeds aan een rechtskundige voor te leggen. Aan al deze webpagina's zijn geen direct toepasbare adviezen te verbinden, zij geven een indruk van het recht